Straatnamen met de letters T-V

Op deze pagina ontdek je de betekenis van volgende straatnamen.

Tuinwijk

De Tuinwijk ligt tussen de Merksemsebaan, de Fortveldstraat en de Salvialaan. De naam van de straat en van het pleintje werd in de collegezitting van 17 september 1930 vastgelegd.

In maart 1921 kreeg de maatschappij De Goedkoope Wooning van het College de toelating om acht woningen te bouwen vlakbij de Merksemsebaan, aan het zogenaamde Nieuw Kwartier in de wijk Bergen. Zes aannemers dienden een prijsofferte in, maar de biedingen werden te hoog bevonden. In augustus 1922 werden vervolgens 38 nieuwe woningen aanbesteed. Aannemer Hiel uit Boom was de goedkoopste met 17.300 frank per woning. De bouwwerken duurden tot 1925.

De wijk, die nagenoeg intact bewaard bleef, illustreert goed de opvattingen van de jaren 1920 over sociale woningbouw. Aan de kant van de Fortveldstraat werd een toen nog onverhard speelpleintje aangelegd, een ontmoetingsplaats waarrond het altijd krioelde van het volk. Achter de huizen, tussen de kleine tuintjes, liep een smalle voetweg, zodat de bewoners langs achter hun huis konden bereiken. In deze arbeiderswoningen woonden aanvankelijk vooral jonge en kinderrijke gezinnen. De huurprijs bedroeg in 1925 55 frank per maand, maar tot grote ergernis van de bewoners verhoogde de 'compagnie' deze prijs voortdurend. Om zich te verantwoorden zou ze het gerucht hebben rondgestrooid dat de gemeente belastingen inde op de huizen. De laatste decennia zijn de meeste huurders eigenaar geworden van hun woning.

(Arch. gem. Wijnegem, Collegebesluiten 1927-1932)

(C. Evers en L. Spaepen, Herinneringen aan Wijnegem, 2000)

Turnhoutsebaan

De Turnhoutsebaan is de verkeersslagader die Wijnegem over heel de lengte van west naar oost doorsnijdt, van Deurne tot Schilde. Oudere benamingen die op achttiende-eeuwse kaarten voorkomen zijn Baene van Antwerpen naer Turnhout en Oude Baene. Op het einde van die eeuw sprak men ook van ‘de kassei’. In het bevolkingsregister 1901-1911 wordt ze omschreven als de groote steenwegh. De functie van de Turnhoutsebaan als hoofdweg wordt duidelijk als we zien hoeveel zijstraten erop uitkomen. Aan de noordkant zijn het van west naar oost: Houtlaan, Ruggeveldstraat, Ganzenweg, Pittoorsstraat, Fortveldstraat, Ridder Gustaaf van Havrelaan, Driehoekstraat, Merksemsebaan, Schoolstraat, Boskantweg, Kosterijstraat, Kanaalstraat en 's-Gravenwezelsesteenweg. Aan de zuidkant achtereenvolgens Krijgsbaan, Dorenboslaan, Schijnbeemdenlaan, Jozef Nauwelaertsstraat, Frans Van Schevensteenstraat, Brouwerslaan, Wommelgemsesteenweg, Eikenlaan en Marktplein, Molendreef, Lindenlei, Stokerijstraat, Oude Turnhoutsebaan, Hippoliet Meeùsstraat en Helenalei.

Aanleg en heraanleg

In de twaalfde eeuw stond de oude zogenaamde Aiendijk al bekend als de baen te Turnoutervoort. In het midden van de dertiende eeuw was er al sprake van tolheffing aan de Deurnebrug (de brug over het Schijn, nu ter hoogte van het Cogelsplein) en op de Aiendijk zelf. Deze hoofdweg was van aan de brug tot aan het Ruggeveld bezaaid met kuilen en bij slecht weer zo goed als onbruikbaar. Op vraag van de vele kooplieden werd hij in 1562 gekasseid van Antwerpen tot aan het Ruggeveld in Deurne (kaart 11). Het werk werd gezamenlijk uitgevoerd door inwoners van de verschillende dorpen waarlangs de weg passeerde, op voorwaarde dat zij zouden worden vrijgesteld van wegentol.

Een verdere verharding liet nog bijna twee eeuwen op zich wachten. In 1751 en volgende werd de baan gekasseid en rechtgetrokken van het Ruggeveld in Deurne tot aan Ploeg-Halle, volgens een tracé dat door landmeter Peter Stijnen werd getekend in 1745 (zie kaarten 5, 6 en 8). Zo werd in het centrum van Wijnegem o.a. een bocht rechtgetrokken ter hoogte van De Heijblom, een hoeve en herberg in de huidige Driehoekstraat. Het langste stuk van dit smalle straatje, namelijk vanaf de Merksemsebaan tot aan een driehoekig pleintje en aan die Y-splitsing links naar de grote baan, vormde het oorspronkelijke tracé van de Turnhoutsebaan. Ook kort voorbij de kerk werd een bocht weggewerkt. De steenweg liep voortaan kaarsrecht vanaf de huidige Kanaalstraat tot aan de aftakking van de huidige Hippoliet Meeùsstraat, en na een stompe hoek naar links ging het alweer rechtdoor tot Schilde. De oude aardeweg, die een beetje ten noorden van het nieuwe tracé lag, geraakte stilaan in onbruik. Op de Ferraris-kaart, opgemaakt in de jaren 1770, loopt hij nog maar tot aan de Galgenstraat (zie kaart 12). De modernisering van de baan gebeurde vooral onder impuls van barones van de Werve van Schilde, die samen met enkele andere aandeelhouders het werk bekostigde. Op de zijwegen plaatste men tolbarelen. Zo waren de voerlui bijna verplicht langs de nieuwe baan te rijden en kon er tolgeld worden geïnd, wat bij de dorpsbewoners tot wrevel leidde. De barelen op de staatsbanen werden in 1880 afgeschaft.

In het begin van de negentiende eeuw werd de Turnhoutsebaan verder aangelegd tot Oostmalle. De weg was immers van strategisch belang en moest snelle troepenverplaatsingen mogelijk maken. Pas na de onafhankelijkheid van 1830 werd de steenweg volledig afgewerkt vanuit Oostmalle: in het oosten tot Turnhout en verder naar de grens met Nederland, in het noorden tot Hoogstraten.

In de jaren 1850 knipte de aanleg van de Kempische vaart de Turnhoutsebaan in Wijnegem door. Sindsdien ligt er een brug tussen het centrum en de wijk Stokerij. De beroering daarover was nog maar nauwelijks gaan liggen, of de gemeente kreeg aan de andere kant van het dorp ongevraagd een fort op zijn grondgebied. De bouw van deze vesting in 1859 maakte dat de Turnhoutsebaan diende te worden omgelegd (zie kaarten 17 en 21). Het bochtige stuk van de oude baan rond Fort I is nu de Dorenboslaan. Het fort werd precies een eeuw later weer afgebroken, en kort daarop (1962) kreeg de Turnhoutsebaan haar recht tracé terug. Ze werd meteen ook geasfalteerd. In het oosten werd het tracé van de Turnhoutsebaan in de twintigste eeuw ook enkele keren lichtjes aangepast ten gevolge van de bouw van de achtereenvolgende bruggen. De Oude Turnhoutsebaan in de wijk Stokerij is nog een restant van het oorspronkelijke tracé van Stijnen.

In 1885 deed de stoomtram van de lijn 40-41 zijn intrede in Wijnegem, in 1926 gevolgd door de elektrische tram. Eerst ging het via Oostmalle naar Hoogstraten, nadien naar Turnhout. De hoofdhalte lag ter hoogte van de Normaalschool en café De Ploeg fungeerde als tramstatie. De komst van de goedkopere autobus betekende echter in 1962 het einde van deze eerste fase in de geschiedenis van de Wijnegemse tram. Vijftig jaar later was de visie op openbaar vervoer echter alweer gewijzigd en keerde hij terug in een modern kleedje, weliswaar slechts tot aan de Van Schevensteenstraat. Voor de komst van deze stadstram – lijnen 5 en 10 - werd de Turnhoutsebaan alweer volledig heraangelegd van in Deurne tot aan de Fortveldstraat. De hele geschiedenis van de tram in Wijnegem werd door de heemkring in 2007 al uitvoerig behandeld in een tentoonstelling en bijbehorende catalogus.

Een aanzienlijk deel van het doorgaande autoverkeer werd in 1982 uit het centrum geweerd door de aanleg van de Houtlaan rond het dorp. Tien jaar later onderging de Turnhoutsebaan een restyling met de komst van het Wijnegem Shopping Center, waarvan de bouwheer de aanleg van een behoorlijk fietspad doorheen de dorpskom bekostigde.

Bedrijvigheid

Op de kaart van Stijnen uit 1742 zien we dat de Turnhoutsebaan, die nog maar bebouwd was vanaf de huidige Schoolstraat tot aan de huidige Kanaalstraat, toen nog aan weerszijden door een bomenrij was geflankeerd. Het centrum werd in de achttiende eeuw gevormd door de zogenaamde Plaetse, een min of meer driehoekig pleintje op de weg, met enkele bomen in het midden en met de kerk aan de ene kant en het domein van de heren van Wijnegem aan de andere kant van de weg (zie kaarten 1, 4 en 15). Rond die Plaetse bevonden zich drie herbergen: naast de kerk De Croon, aan de overkant van de straat De Swaen en Het Stopmes (nadien De Arend genoemd). Over dat laatste café lezen we in een verkoopakte uit 1745: Een (na een brand) nieuwe opgebouwde steene huysinge met het land 1 bunder, genaempt het Stopmes, daer nu ter tijdt den Arendt uythangende is, aen de Plaetse. Mogelijk was Het Stopmes dezelfde herberg als de vroegere De Craen. In de negentiende eeuw zou op die plaats het kasteel De Kraanvogel komen. Oostelijk van het pleintje splitste eerst de Molendreef zich af in de richting van de molen en verder naar Oelegem, en vijftig meter verder de Groenstraat (nu Kanaalstraat) richting 's-Gravenwezel. Aan de ingang van de parkdreef werd na de Eerste Wereldoorlog een monument opgericht voor de gesneuvelden.

Tot aan de Tweede Wereldoorlog bevonden zich langs de Turnhoutsebaan nog minstens drie brouwerijen: De Ster (Saveniers) ter hoogte van de Zwanebeek, De Kroon (Hannes) ten westen van de kerk en De Hert (Baelemans) op de plaats waar nu het KBC-kantoor is. Daarnaast hebben zich in de loop van de negentiende en twintigste eeuw de meeste handelszaken aan de Turnhoutsebaan gevestigd. Ook de voornaamste publieke gebouwen van Wijnegem liggen langs de Turnhoutsebaan, zoals het oude (1910) en ermee verbonden het nieuwe (2000) gemeentehuis, de in 1987 afgebroken kerk die al uit de zestiende eeuw dateerde maar die grondig verbouwd werd in 1853-56. De geschiedenis van het gemeentehuis en van de kerk heeft de heemkring al uitvoerig behandeld in tentoonstellingen en catalogi. Verder zijn er het Gasthuis uit 1897, dat in 2000 gerenoveerd werd en nu dienst doet als cultuurcentrum, en het nieuwe politiecommissariaat uit 1996. Op het vlak van onderwijs lag het in 2013 grotendeels afgebroken Normaalschoolcomplex aan de Turnhoutsebaan, alsook de vrije meisjesschool, nu het gemengde Annuntia-instituut geworden, die in de plaats kwam van de door een V-2 getroffen school aan de overkant van de straat. Aan de westelijke ingang van het dorp bepaalt het grootschalige Wijnegem Shopping Center samen met zijn enorme parkeergarage, gebouwd op een deel van de oude fortvlakte, sinds 1993 het uitzicht van de Turnhoutsebaan. Mede door de komst van dat winkelcomplex is het aantal handelszaken in het centrum van Wijnegem de laatste decennia merkelijk teruggelopen.

(Floris Prims, Antwerpiensia 1932 nr. 6 en Bijdragen 47ste jg., 1964)

(Arch. HK, P. Stijnen, kaart Casteel ende graefschap van Wijneghem, 1742)

(RAA, P. Stijnen, kaart rechttrekking van de Turnhoutsebaan, 1745)

(J. Wuyts, Enkele grepen uit de geschiedenis van Wijnegem, 1952)

(HK Jan Vleminck, catalogus Ons dorp van toen, 1998)

(Arch. HK, Graaf de Ferraris, Kabinetskaart der Oostenrijkse Nederlanden, 1778)

(C. Evers, L. Spaepen en V. Werrebroeck, catalogus De tram in Wijnegem, 2007)

Vaartdijk

De linkeroever van het kanaal, vanaf de hoge brug in de richting van Antwerpen, wordt voorlopig Vaartdijk geheten: college van 14 juli 1952. De Vaartdijk, die over ongeveer een kilometer de zuidoever van het kanaal volgt, wordt in het westen begrensd door de Oud-Sluisstraat en in het oosten door de Kerkhofstraat, waarna hij overgaat in de Kraaidijk. Op de plaats waar, ongeveer in het midden van de straat, de Lange Kruisweg en de Schoolstraat erop uitkomen, is in de jaren 1960 een basketbalpleintje aangelegd. De Vaartdijk was vroeger gescheiden van het lager gelegen jaagpad door een brede, met een dubbele bomenrij begroeide berm. De platanen zijn echter voor de verbreding van het kanaal in de jaren 1980 gesneuveld, ondanks zwaar protest van de omwonenden.

(Arch. gem. Wijnegem, Collegebesluiten 1948-1957)

Veldstraat

Collegebesluit van 10 november 1931: Aan de Kweekstraat zal bepaaldelijk den naam ‘Veldstraat’ worden gegeven. College 26 mei 1936: Het gedeelte van de Bergenweg vanaf de Bergenstraat tot het verbindingspunt met de Weydveldstraat wordt begrepen in de Veldstraat. Door verdere bebouwing in de jaren 1960 tot 1980 werd de bestaande Veldstraat verlengd tot aan de Zandstraat, met een klein pleintje in het nieuwste gedeelte. In 1964 werd aan de oostkant van de straat in houten, geprefabriceerde klassen een rijkslagere school met kleuterafdeling gebouwd, nu Het Notendopje genoemd.

Het oudste gedeelte van de Veldstraat, tussen de Merksemsebaan en de Bergenstraat, werd vroeger Kweekstraat genoemd, omdat er vooral gezinnen met veel kinderen woonden. Onder impuls van pastoor Jozef Naulaerts werd de straat herdoopt in Veldstraat.

De Veldstraat heeft als zijstraten de Bergenstraat, de Weydveldstraat en de Lange Kruisweg.

(Arch. gem. Wijnegem, Collegebesluiten 1927-1931)

(Juul Wuyts, Enkele grepen uit de geschiedenis van Wijnegem, 1952)

Venhof

 De gemeenteraad stelde op 17 december 2007 eenparig de naam Venhof vast voor de nieuwe wegenis in het industriegebied van de vroegere site Gyproc. Gyproc, een vervuilend bedrijf dat de bekende 'gyprocplaten’ maakte, verhuisde in het begin van deze eeuw naar het havengebied op de Antwerpse Linkeroever.

Venhof is een doodlopende zijstraat van de Merksemsebaan naar het Albertkanaal. Ze is gelegen in het bedrijventerrein Den Hoek nr. 2 en heeft geen zijstraten.

Voor notaris Jozef Aerts te Wijnegem werd op 3 december 1877 een verkoopsakte opgesteld voor een perceel genaamd de Venhof, op het Weydveld te Wijnegem, met een oppervlakte van 52 are. Het was Gustave van Havre, burgemeester te Wijnegem, die het perceel kocht van de heer Eduard Reusens, rentenier uit Kasterlee.

De heer van Havre betaalde voor het perceel 3.500 frank.

(Arch. HK Jan Vleminck, fonds van Havre)

Voetbalstraat

Op 26 mei 1936 besloot het schepencollege: Het gedeelte van de Bergenweg vanaf de Oud-Gasthuisstraat, straat welke later zal doorlopen tot aan de Zandstraat, wordt genoemd: Voetbalstraat. De naam is geïnspireerd op het feit dat het vroegere voetbalplein van Wijnegem tussen de Zandstraat (toen nog Korte Zandstraat geheten) en de nieuwe Voetbalstraat lag. Dat was het geval tussen 1929 en de verhuis naar de Fortveldstraat na de Tweede Wereldoorlog.

Momenteel verbindt de Voetbalstraat de Lange Kruisweg met de Weydveldstraat en met de Oud-Gasthuisstraat. Op de kruising van deze drie straten werd enkele jaren geleden een klein speelpleintje ingericht.

(Arch. gem. Wijnegem, Collegebesluiten 1936)

(Catalogus Ons dorp van toen, HK Jan Vleminck, 1998)

Vosveld

Op 21 mei 1974 besloot de gemeenteraad de namen Vosveld en Bijkhoevelaan te geven aan twee nieuwe straten in het industrieterrein Den Hoek. De naam Vosveld – een veld waar veel vossen zaten - werd vroeger gegeven aan een perceel grond dat op deze plaats lag. Enkele citaten uit oude akten:

1539: Jan Nijs oft sijn suster een halff buender landts gheleghen tot Wijneghem int vosvelt dat toe te behoiren placht Diedericken vanden Sanghen.

1633: het lant genaempt het vosvelt paelde aen de Clijene Bist.

1789: Jonker Petrus Roelants en zijn echtgenote Maria Don Roy verkopen aan Jean Michel van Havre en zijn vrouw Catharina Lunden een stuck landt genaempt het vosvelt, groot 2 bunder 86 roeden.

(RAA o/a Wijn Suppl. N° 4 en N° 40)

(Arch. HK, P. Stijnen, kaart Casteel ende Graefschap van Wijneghem, 1742)

(Arch. gem. Wijnegem, Gemeenteraadsbesluiten 1973-1977)

Vuurkruisenlaan

Een eerste vraag van de plaatselijke vereniging De Vuurkruisers om een straat te noemen ‘Vuurkruisen 1914-18-straat’ werd door het college verworpen met het argument dat er reeds een straat is met de benaming Oudstrijderslaan, als herinnering aan al de strijders van beide oorlogen zonder onderscheid te maken van categorie (collegeverslag 25 oktober 1954).     

Toch besliste het college twee jaar later De verkeersweg voorzien op het bijzonder plan van aanleg n° 2 (als straat D) gelijklopende met de Turnhoutsebaan, vertrekkende van de Fortveldstraat ter hoogte van de Tuinwijk in de richting van de J.B. Pittoorsstraat-Ganzenweg tot aan de Ruggeveldstraat, de naam te geven van 'Vuurkruisenlaan' (4 september 1956). Aan de noordzijde van wat toen nog een zandweg was, lag toen nog een oefenplein van de voetbalclub. De gronden rond de Vuurkruisenlaan en de De Wijngaardstraat, eigendom van de Kerkfabriek, werden in 1979 verkaveld en verkocht voor de bouw van de nieuwe kerk.

Een ‘vuurkruiser’ was een soldaat die in de Eerste Wereldoorlog meevocht en die een ‘vuurkaart' heeft gekregen. Deze kaart werd uitgereikt aan militairen die tussen 4 augustus 1914 en 11 november 1918 minstens twaalf maanden effectieve dienst bij de aangeduide eenheden hadden volbracht. Ook de in handen van de vijand gevallen gewonde militairen konden de vuurkaart krijgen. De kaart gaf recht op bepaalde voordelen zoals 75% vermindering op bus, tram en trein en gratis consultatie bij speciaal aangestelde artsen.

(Arch. HK Jan Vleminck, archief W.O. I en II)

(www.stanny-van-grasdorff.be/nieuwe_pagina-2htm)